NL amsterdamgold EN amsterdamgold

tel: +31 (0) 20 65 89 555

Bescheiden herstel

Het is nu ongeveer een jaar geleden dat de goudprijs een nieuwe nominale top van 2089 dollar neerzette. De reële rente is de voorbije 12 maanden nog verder gedaald door de aantrekkende inflatie die de (op jaarbasis) hogere nominale rente meer dan compenseert. Tegelijk is het aantal redenen om het financiële systeem te wantrouwen alleen maar toegenomen.

                                                                                                                             

 

 

 

 

 

 

Langetermijnrente US (klik op afbeelding om te vergroten)

Toch noteert de goudprijs nu 13% lager dan een jaar geleden. Er zijn wel tig redenen aan te voeren waarom dit niet logisch is maar niemand heeft ooit beweerd dat de markt altijd de logica volgt en die markt heeft nu eenmaal altijd gelijk.

Juni was met een verlies van 7% nog de slechtste maand voor goud sinds 2016 maar in juli werd ongeveer de helft van die terugval weer ongedaan gemaakt. Het negatieve rendement sinds begin dit jaar loopt daarmee terug naar -4%. In euro ligt dit cijfer op ongeveer de helft omdat goudbezitters uit de eurozone het effect van de duurdere dollar voelen.

                                                                                                                               

 

 

 

 

 

 

Dollarindex (klik op afbeelding om te vergroten)

Technisch zit goud intussen op een tweesprong waar het korte en het lange gemiddelde (50d en 200d, zie grafiek) bijna samenkomen. Goud zal dus binnenkort kleur moeten bekennen. Op de termijnmarkten zijn de schommelingen in het aantal uitstaande long posities de voorbije weken eerder klein. Er is geen sprake van overdreven optimisme maar evenmin van extreem pessimisme.

                                                                                                                                                                                                                             

 

Ontwikkeling goudprijs (klik op afbeelding om te vergroten)                                                                                                                                                                                    

 

 

 

 

Fundamenteel blijft de trend evolueren naar een aantrekkende inflatie. Naast de index van de producentenprijzen en die van de consumentenprijzen nam vorige maand ook de PCE-kerninflatie fors toe. Het ‘transitory’ verhaal wordt dus steeds lastiger om vol te houden. We leerden ook dat er binnen het Federal Open Markets Committee (FOMC), dat de rentepolitiek bepaalt, onenigheid bestaat over het geloof in het tijdelijke karakter van de inflatie. Het resultaat van de meest recente monetaire vergadering is alvast dat alles bij het oude blijft. De inkoop van obligaties (maandelijks 120 miljard dollar), die dienen om de langetermijnrente laag te houden, gaat voorlopig door. Ook van een renteverhoging is op korte termijn nog geen sprake.

De Fed beroept zich op zijn dubbel mandaat waarbij de centrale bank zowel voor prijsstabiliteit als volledige tewerkstelling moet zorgen. We leerden eerder al dat een overshoot van de inflatie het minste van de centrale bankiers hun zorgen is. Meer zelfs, gezien de historisch hoge schuldgraad bij gezinnen, bedrijven en overheden is die overshoot eigenlijk meer dan welkom. Alleen zal dat natuurlijk nooit het officiële beleidsstandpunt worden. De lonen poken de inflatievrees voorlopig nog niet op want de arbeidsmarkt is nog lang niet hersteld van de coronapandemie. Een rentestijging is dus nog niet voor morgen.

 

 

Ontwikkeling zilverprijs ((klik op afbeelding om te vergroten)

 

 

 

 

 


World Gold Council: globale vraag in Q2 weer gestegen

Uit het Gold Demand Trends Report, dat de World Gold Council (WGC) elk kwartaal publiceert, blijkt dat de globale vraag naar goud (955,1 ton) tussen april en juni bijna op hetzelfde niveau uitkwam als hetzelfde kwartaal een jaar geleden (960,5 ton). Tegenover het eerste kwartaal was er wel een vooruitgang met 9%. Over de eerste jaarhelft lag de vraag met 1833,1 ton 10% lager dan in 2020.

De verschillende vraagcomponenten evolueren heel uiteenlopend maar toch zijn er een aantal trends te onderscheiden.  De juwelenindustrie herstelt maar zit nog niet op het niveau van voor de coronapandemie. De investeringsvraag ligt vooralsnog lager dan vorig jaar maar in het tweede kwartaal waren er wel tekenen van een kentering. Zoals de voorbije maanden al duidelijk werd, is ook de interesse van centrale banken in goud weer sterk toegenomen.

Voor de juwelenindustrie was 2020 een dieptepunt, zowel aan de productiezijde (dus de vraag naar fysiek goud) als aan de vraagzijde (kleinhandelsverkopen). Voor de pandemie schommelde de gemiddelde juwelenverkoop rond 1800 ton. Dit niveau zal dit jaar niet worden gehaald, al is er op jaarbasis wel flinke beterschap merkbaar. In het tweede kwartaal nam de juwelensector 390,7 ton goud af of 41% van de totale vraag. Dat was al 60% meer dan een jaar eerder in de globale lockdown-periode. Over de eerste jaarhelft hinkt de vraag met 873,7 ton nog 17% achterop tegenover 2020.

De centrale banken namen in het tweede kwartaal gezamenlijk bijna 200 ton af. Dat is de helft meer dan in het eerste kwartaal en ruim drie keer zoveel als vorig jaar. Met 333,2 ton liggen de goudaankopen in de eerste jaarhelft 39% boven het vijfjaars gemiddelde.

De investeringsvraag laat een gemengd beeld zien. De totale investeringsvraag lag met 284,5 ton (bijna 30% van de totale vraag) de helft lager dan vorig jaar. Dit komt omdat er in het tweede kwartaal van vorig jaar met 427,5 ton een forse instroom was in Exchange Traded Funds (ETF’s). In 2021 lag dit cijfer met 40,7 ton een stuk lager. In het eerste kwartaal was er zelfs en uitstroom van 170 ton. Dit brengt de netto uitstroom over de eerste jaarhelft op 129,3 ton. Het was voor het eerst sinds 2014 dat er geld uit ETF’s wegstroomde. De vraag naar gouden staven  en munten klom tussen april en juni met 56% op jaarbasis naar 243,8 ton. De eerste jaarhelft is met 594 ton zelfs de beste sinds 2013!

Aan de aanbodzijde liggen de meeste productieonderbrekingen bij de mijnbedrijven achter ons.  Daardoor kon de productie in het tweede kwartaal op jaarbasis met 17% toenemen. Over de eerste jaarhelft was er een klim met 4%.

Bron: World Gold Council

Auteur: Koen Lauwers
Koen Lauwers is Master in de Handels- en Consulaire Wetenschappen (KU Leuven Campus Brussel) en behaalde een aanvullende Master in de Bedrijfsinformatica (Vrije Universiteit Brussel). Na een carrièrestart als IT-specialist bij Volvo Group (1997) werd de lokroep van de financiële markten te groot en besloot Koen zijn beide opleidingen te combineren en in 1999 als onafhankelijk analist aan de slag te gaan. Aanvankelijk volgde Koen de technologiesector maar na het barsten van de dotcom-zeepbel en een diepgaande studie van de monetaire geschiedenis (Mises Institute) verlegde hij zijn focus naar grondstoffen met een voorliefde voor edelmetalen en gerelateerde aandelen. Net op tijd voor de supercyclus in grondstoffen die de rest van het decennium duurde. Koen bouwde die specialisatie verder uit en doet sindsdien aan onafhankelijke beleggingsresearch voor verschillende marktpartijen (family offices). Daarnaast schrijft hij voor diverse financiële titels in Nederland en België. Dankzij meer dan 20 jaar ervaring beschikt Koen over een groot netwerk in zowel de mijnbouwsector, fysieke goudhandel als asset management.